Welke twee cassatiegronden noemt art. 79 Wet RO?

    1. Verzuim van vormen. Deze geeft alleen aanleiding tot vernietiging voor zover de niet-inachtneming daarvan uitdrukkelijk met nietigheid is bedreigd of zodanige nietigheid voortvloeit uit de aard v.d. niet in acht genomen vorm. Uit art. 431 Sv volgt daarbij dat niet alleen verzuim van vormen in het vonnis/arrest, maar ook vormverzuim dat in de loop v.h. rechtsgeding heeft plaatsgehad grond geeft tot vernietiging.
    2. Schending v.h. recht m.u.v. het recht van vreemde staten. Die cassatiegrond is ook als enige in art. 118 GW opgenomen, waar de HR met de cassatie van rechterlijke uitspraken wordt belast. Dat past bij gedachte dat vormverzuimen in wezen ook schendingen v.h. recht kunnen zijn.

    Rapporteer - Plaats commentaar