Huisslaven en staatsslaven. Benoem ze van de goede omstandigheden tot de slechte omstandigheden.

  • Staatslaaf: aanleg van wegen, bruggen, aquaducten. Zij kregen inkomen en hadden eigendommen. Konden zich vrijkopen. hadden het best.

    Huisslaaf in huis. Slaap met een beroep konden dit doen. hadden het goed

    huisslaaf op plantages, steengroeven, mijnen of gelei, op schepen hadden het slecht

    Rapporteer - Plaats commentaar