Een daad moet ook wederrechtelijk zijn, dus tegen het recht. Soms overtreedt iemand de wet, maar is dat niet in strijd met het recht. Deze beperking van het strafrecht worden rechtvaardigingsgronden genoemd. Welke vier soorten zijn er?

  • Overmacht
    Er is sprake van overmacht als er strijd is tussen een wettelijke plicht en een maatschappelijke plicht. Meestal moet de burger datgene doen wat in de wet staat, soms mag de burger zijn maatschappelijke plicht vervullen en dus de wet overtreden.

    Voorbeeld van de opticien die een klant buiten de winkeltijdenwet toch helpt, omdat de klant zonder zijn bril echt niets ziet.

    Wettelijk voorschrift
    Dit doet zich voor als er twee wetten zijn die met elkaar in strijd zijn
    Voorbeeld van de deurwaarder die zijn taak moet uitvoeren en daarbij de spullen op straat moet zetten (wat niet mag).

    Noodweer
    Noodweer doet zich voor als iemand zichzelf of een ander moet verdedigen. 
    Voorbeeld van een man die een schuurdeur intrapt en een trap steelt om een kind dat door het ijs is gezakt te redden.

    Bevoegd gegeven bevelWanneer een bevoegd persoon je opdraagt iets te doen wat normaal gesproken door de wet verboden is.
    Voorbeeld van het over de vluchtstrook moeten rijden wanneer een politieagent dit opdraagt.

    Rapporteer - Plaats commentaar