bij de splicing mechanisme 2 wordt er gespliced met behulp van eiwitten. Deze eiwitten heten snRNAp ,dit is een eiwit met een stukje RNA erin, net als telomerase. Bij splicing zijn  5 verschillende snRNA's betrokken namelijk U1, U2, U5, U4, U6 zie tabel 29.3. Deze eiwitten vormen samen het spliceosoom. bij eukaryote transcriptie komt het spliceosoom direct achter de polumerase aan. zie figuur 29.39

Rapporteer - Plaats commentaar