aandachtspunten:
 Insulinepennen en patronen zijn voor persoonlijk gebruik. Deel het gebruik niet met andere clienten vanwege het risico op contaminatie.
 Zorg voor een goede instructie in het werken met veilige naalden;
 Bij het verwijderen van de naald uit de huid, schuift het kapje weer automatisch over de naald en wordt vergrendeld. Echter, het kapje wordt al door lichte druk op de huid geactiveerd. Als de pennaald niet meteen goed in de huid wordt ingebracht, klikt de huls al vast en kan de naald niet in de huid1 ;
 Voer (veilige) pennaalden af via een naaldenbeker;
 Vervang bij troebele insuline het patroon wanneer het 12IE of minder bevat (bij minder dan 12 IE kan de insuline niet mengen)

Rapporteer - Plaats commentaar