248. In welke gevallen heeft men recht op smartengeld?
In art. 6:106 lid 1 wordt een limitatieve opsomming gegeven van de gevallen waarin ogv deze bepaling vergoeding van smartengeld kan worden geclaimd. Recht op smartengeld heeft de benadeelde indien:

a. de aansprakelijke persoon het oogmerk had zodanig nadeel toe te brengen. Dit betreft een wat bijzonder geval, omdat het oogmerk gericht moet zijn op het toebrengen van immaterieel nadeel.

Rapporteer - Plaats commentaar